Ekhbary
Wednesday, 04 February 2026
Breaking

Zoon van Gaddafi: Het Westen wil 'Libië controleren'

Archiefverklaringen wakkeren beschuldigingen over buitenland

Zoon van Gaddafi: Het Westen wil 'Libië controleren'
Matrix Bot
10 hours ago
36

Libië - Ekhbary Nieuwsagentschap

Zoon van Gaddafi: Het Westen wil 'Libië controleren'

Saif al-Islam Gaddafi, de zoon van de voormalige Libische leider Muammar Gaddafi, heeft opnieuw beschuldigingen geuit dat westerse mogendheden controle over Libië proberen uit te oefenen. Deze beweringen, gebaseerd op archiefverklaringen uit 2011 in een interview met RT, krijgen hernieuwde relevantie in het licht van de aanhoudende onrust en politieke verdeeldheid die de Noord-Afrikaanse natie teisteren. Hoewel er onbevestigde berichten over zijn dood de ronde doen, resoneren zijn langdurige beweringen over buitenlandse agenda's in Libië nog steeds.

In het interview uit 2011 uitte Saif al-Islam de overtuiging dat het primaire doel van de door het Westen geleide NAVO-interventie niet de bescherming van burgers was, maar de controle over Libië's enorme olie- en gasreserves. Hij verklaarde destijds: "Hun doel is Libië te controleren. Dat is het doel. En de Libiërs zullen hen dat niet laten doen, dus de strijd zal doorgaan." Dit perspectief kaderde het conflict als een geopolitieke strijd om hulpbronnen, sterk afwijkend van het officiële narratief dat humanitaire verantwoordelijkheid benadrukte.

De heropleving van deze beweringen, of ze nu recent zijn gedaan of opnieuw zijn geïnterpreteerd uit archiefmateriaal, vindt plaats tegen de achtergrond van het diep verdeelde politieke landschap van Libië. Het land blijft verdeeld tussen rivaliserende regeringen en is verwikkeld in een intermitterend burgerconflict sinds de opstand, gesteund door de Verenigde Staten en hun bondgenoten, meer dan tien jaar geleden zijn vader omverwierp en doodde. De vermeende intentie van Saif al-Islam om zich kandidaat te stellen voor het presidentschap compliceert dit scenario verder, aangezien de potentiële terugkeer van een figuur die geassocieerd wordt met het voormalige regime politieke allianties zou kunnen hervormen en een breed debat over de toekomst van Libië zou kunnen ontketenen.

Tijdens zijn gesprek met Maria Finoshina van RT, veroordeelde Saif al-Islam niet alleen de luchtcampagne van de NAVO; hij beschuldigde westerse regeringen en internationale media er actief van valse informatie te verspreiden met het doel "chaos" in Libië te creëren. Hij ontkende krachtig elke betrokkenheid bij de moord op demonstranten, en suggereerde dat deze beschuldigingen deel uitmaakten van een gecoördineerde poging om zijn reputatie te beschadigen en buitenlandse interventie te legitimeren. Hij portretteerde Libië als een natie die verstrikt was geraakt in externe samenzweringen gericht op het exploiteren van zijn natuurlijke rijkdommen en het zaaien van politieke en sociale instabiliteit, waardoor langdurige onrust werd gegarandeerd die de belangen van interveniërende mogendheden zou dienen.

Zijn waarschuwing dat het geweld niet zou eindigen met de dood van zijn vader, lijkt achteraf gezien een vooruitziende observatie, of op zijn minst een verrassend nauwkeurige voorspelling, van de Libische situatie in het decennium daarna. Meer dan tien jaar na de dood van Muammar Gaddafi, blijft de natie worstelen met diepe verdeeldheid, enorme veiligheidsuitdagingen en economische ontberingen. Het ontbreken van een sterke, verenigde centrale overheid, de proliferatie van gewapende milities en de voortdurende strijd om de controle over hulpbronnen dienen als grimmige bewijzen van de blijvende relevantie van Saif al-Islams analyse van de grondoorzaken van het conflict.

Ongeacht hun juistheid of precieze timing, roepen de uitspraken van Saif al-Islam kritische vragen op over de rol van externe actoren in Libië. Zijn deze mogendheden werkelijk geïnvesteerd in de stabilisatie van het land, of bevoordelen hun economische en geopolitieke belangen de voortzetting van de onzekerheid? Zijn bewering dat "de westerse inspanning gericht is op controle" raakt een sentiment dat gedeeld wordt door veel Libiërs die van mening zijn dat buitenlandse interventie de crisis heeft verergerd in plaats van opgelost.

Het is cruciaal om deze uitspraken te contextualiseren binnen de gebeurtenissen van 2011. Libië bevond zich te midden van een volksopstand die snel uitmondde in een gewapend conflict. In die fase was Saif al-Islam een prominente figuur binnen het regime, vaak gezien als vertegenwoordiger van een meer hervormingsgezinde factie. Dit beeld werd echter aanzienlijk veranderd door het verloop van de revolutie en de internationale interventie. Vandaag, na jaren van conflict, lijkt Saif al-Islam te proberen politieke relevantie terug te winnen, waarbij hij zijn vroegere retoriek over nationale soevereiniteit en buitenlandse inmenging gebruikt om steun te verwerven.

De toekomst van Libië hangt af van het vermogen van haar volk om interne verdeeldheid te overwinnen en een nationale consensus te smeden die haar soevereiniteit en eenheid waarborgt. Tegelijkertijd zal de invloed van regionale en internationale mogendheden een doorslaggevende factor blijven. Saif al-Islams herhaalde beschuldigingen aan het Westen met betrekking tot controle over Libië kunnen dienen als een krachtige herinnering dat het oplossen van het Libische probleem, allereerst, een einde vereist aan elke externe inmenging gedreven door nauwe belangen. In plaats daarvan moet de focus liggen op het ondersteunen van het door de VN geleide politieke proces en het empoweren van het Libische volk om zijn eigen lot te bepalen.

Trefwoorden: # Saif al-Islam Gaddafi # Libië # Westen # controle # olie # NAVO # conflict # Muammar Gaddafi # presidentsverkiezingen # buitenlandse interventie # Libische politiek